|
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
"De gemeentelijke overheid wil te Sint-Lambrechts-Woluwe ontegensprekelijk zo dicht mogelijk bij haar inwoners staan, ongeacht de leeftijd.Dit geldt voor elk van onze initiatieven. Onze gemeente, goed voorzien van scholen, heeft zich toegelegd op het onderricht in ontdekkingsklassen.
Noties als observatie, proefnemingen ter plaatse, levensvorming in groep, worden als drijfveer gebruikt in onze groen-, zee- en sneeuwklassen, in de Europese uitwisselingsklassen (Frankrijk en Schotland) evenzeer als in de Patrimonium en Kanaalklassen.
Al deze verwezenlijkingen worden ter beschikking gesteld van alle kinderen van onze officiële, gemeenschaps- en vrije scholen, of ze nu woonachtig zijn in de gemeente of niet."
(Uittreksel uit de brochure Le Petit Foriest, mei 1993)
In 1989, aankoop van de hoeve Le Petit Foriest.
In 1990, aanwerving van een pedagogische ploeg door de v.z.w. Wolu Groen die belast is met het beheer van het project."Ons doel is de kinderen van het derde lagere schooljaar die in "Le Petit Foriest" verblijven, aan te zetten hun zin voor observatie, begrip en verantwoordelijkheid t.o.v. hun milieu, te ontwikkelen.
Wij zijn ervan overtuigd dat deze benadering een goede basis is die de kinderen helpt volwassen te worden, bewust van de zorg voor het behoud van de levenskwaliteit..."
(Uittreksel uit de brochure Le Petit Foriest, mei 1993)
Sedert 8 jaar blijven de doelstellingen dezelfde, maar de benadering evolueert en is bewuster gericht op nieuwe accenten.
Bijvoorbeeld de relatie die bestaat tussen :
de kwaliteit van het leefmilieu, de voeding en de gezondheid.
Hoe kan men dit beter benaderen dan de kinderen in een levende omgeving (activiteiten op de boerderij) te plaatsen, helemaal en systematisch gericht op volgende thema's :
Plantenteelt en -produktie.
Veeteelt en verwerking van producten.
Voeding en gezondheid
De mens in het leefmilieu:
ontdekkingen, kennis, relatiesHalf-natuurlijke milieus
De doelstellingen krijgen meer vorm...
Door de ludieke wetenschappelijke, zintuiglijke en pragmatische benadering die kinderen de mogelijkheid biedt in contact te komen met de aarde en haar produkten, de dieren op de boerderij en het (semi)natuurlijk leefmilieu dat deze omgeeft, maar ook door :- het meten van de tijd nodig voor een levend wezen om zich te ontwikkelen, het ontdekken van de natuurlijke al dan niet cyclische fenomenen.
- het zich ontplooien, omdat men in contact staat met dieren en planten terwijl men hun noden en grenzen leert kennen.
- het zich verantwoordelijk voelen voor zichzelf en de anderen, solidair met en respectvol voor de levende wezens en de dingen.
- het bekwaam worden taken op een autonome manier uit te voeren met betrekking op het referentiesysteem dat besproken werd met de begeleider.
- het er zich van bewust worden dat het leefmilieu een complex geheel is, samengesteld uit van elkaar afhankelijke elementen, waar de mens tussenbeide komt, maar waar onze overlevingskansen, tot nader order, gebaseerd blijven op natuurlijke bronnen.
- het opnieuw leren observeren, exploreren, voelen en er plezier in vinden, maar ook experimenteren om hypotheses na te gaan, te bevestigen door het zoeken naar informatie voor, tijdens en na de groenklas.
De bekwaamheid aanleren tot analyse en tot nadenken (het gezond verstand) en tot kritische zin om goed te kunnen kiezen.
Wat kiezen ?
Wat verbruik ik ?
Wat eet ik ?
Wat smijt ik weg ?
Wat geef ik aan anderen, enz... ?
Wat doe ik voor het algemeen nut ?Maar ook
Welk spel en welk ontwerp kan ik uitvinden en wat doe ik ?
Hoe wens ik met de anderen te communiceren ?
|
|